werkvorm

Focus-feedback

Leerlingen observeren elkaar gericht op een aangereikt focuspunt

Omschrijving werkvorm

Vaak staan in de les complexe, samengestelde vaardigheden centraal. Bijvoorbeeld met spel, waar je zowel een technisch als tactisch doel kunt hebben. Of wanneer er leerdoelen uit meerdere leerdomeinen zijn (bijv. bewegingsvaardigheid én samenwerking). Voor jou als leraar zijn dit vaak al moeilijke observatietaken, laat staan voor de leerlingen. Door de observatie te beperken tot één focuspunt, leren leerlingen doelgericht kijken en (taak)gerichte feedback geven. Deze werkvorm versterkt zowel het inzicht in succescriteria als de kwaliteit van peerfeedback.

  1. Bereid observatiekaarten voor met één focus per kaart, dit is dus één succescriterium, gekoppeld aan een leerdoel. Bereid per kaart ook de ondersteuning voor de feedback voor, oftewel tips om de vaardigheid beter te laten lukken.
  2. Leg de verschillende focuspunten kort uit, maak tweetallen en verdeel de kaarten onder de leerlingen, of laat ze per tweetal zelf kiezen.
  3. Laat leerlingen een medeleerling observeren met de observatiekaart.
  4. Na de observatie geven ze kort mondeling feedback of noteren één aandachtspunt.
  5. Wissel de kaarten zodat leerlingen verschillende aspecten leren observeren.
  • Gebruik deze werkvorm aanvankelijk bij relatief goed observeerbare onderdelen, zoals beweegthema’s binnen turnen en breid daarna geleidelijk uit, bijvoorbeeld bewegen en muziek en uiteindelijk dynamische spelsituaties bij doelspelen.
  • Houd er rekening mee dat feedback geven voor leerlingen ten eerste een complexe vaardigheid is (het zijn immers geen beweegexperts) en dat er een emotioneel aspect aanhangt: hoe je feedback geeft kan veel uitmaken hoe feedback ontvangen wordt. Werk daarom met tweetallen waarin leerlingen zich veilig voelen.
  • Houd de focuspunten aanvankelijk simpel en zorg dat deze gekoppeld zijn aan het leerdoel. Bijvoorbeeld bij het thema zwaaien in de ringen: ‘de afzet vindt plaats in een 1-2 ritme onder het ophangpunt’.
  • Beschrijf leerhulp in de ‘als-dan’ vorm, bijvoorbeeld: ‘als ik zie dat er te laag gezwaaid wordt, dan geef ik aan dat de benen actiever opgezwaaid moeten worden’
  • Wanneer leerlingen vaardiger worden in zowel het observeren als het geven van taakgerichte feedback kun je dit uitbreiden naar complexere focuspunten.
  • Geef zelf het goede voorbeeld hoe je observeert en feedback geeft.
  • Gebruik korte tijdsblokken om observatie en feedback vlot te laten verlopen.
  • Bespreek na afloop klassikaal wat leerlingen geleerd hebben vanuit de observaties over het leerdoel.

Project IOL

Impuls Open Leermaterialen

Dit platform is ontwikkeld door Fontys Hogescholen, Instituut voor Sport en Bewegen, met steun van Impuls Open Leermateriaal als onderdeel van het Nationaal Groeifonds.